Interview met Ans: koorlid van het eerste uur

Ans gaat weg …
Interview over de geschiedenis van Novo Cantare

Op 21 juni 2015 zong onze sopraan Ans voor het laatst mee in een concert. Ze heeft verhuisplannen en wil graag wat meer tijd aan haar (klein)kinderen besteden. Haar vertrek is bijzonder omdat zij de laatste is in ons koor die er vanaf de oprichting bij is geweest.

Ans, kun je je nog herinneren hoe het allemaal begon?
Jazeker, er stond een oproepje in de krant voor mensen die mee wilden doen in een nieuw koor. Het koor-in-oprichting stond onder leiding van Ida Maria Stringer, zangeres en componist. We repeteerden bij haar thuis op de bank.

De naam van het koor was Andachaleo, naar een Andalusisch volkslied dat op ons repertoire stond. Verder zongen we mantra’s, volksmuziek uit diverse landen, klassiek, echt van alles wat … Ons allereerste optreden was op een verjaardagsfeestje. Het was niet zo’n succes, maar alle begin is moeilijk …

Hoe heeft het koor zich daarna ontwikkeld?
Snel, we wilden vooruit! Na een tijdje zijn we verder gegaan met een nieuwe dirigent, Ton Edelbroek. Ook hem hebben we maar kort gehouden, nog geen twee jaar. Daarna kwam onze huidige dirigent, Frans van de Loo. Hij was de zwager van één van de koorleden, maar dat was niet de reden dat we hem hebben aangenomen, hoor! Frans is heel precies, gedreven, maar ook enthousiast en inspirerend. En als mens nog eens prettig in de omgang ook. Onder zijn leiding zijn we gegroeid naar een steeds hoger niveau: een van de betere koren van Arnhem en omstreken!

… en omstreken??
Ja, want bijna de helft van de leden komt van buiten Arnhem. Dat is natuurlijk niet voor niets.

Bij al die ontwikkelingen hoorde ook een nieuwe naam …
Volgens  onze statuten heten we Nieuw Gelders Kamerkoor. We hebben die naam ‘geërfd’ van een ander koor dat er mee ophield. Novo Cantare is onze roepnaam.

Is het ooit wel eens crisis geweest in het koor?
We hebben wel eens een groot gebrek aan tenoren gehad. Toch zijn we ook in tijden van schaarste altijd streng geweest bij de toelating van nieuwe leden. Dat is op de lange termijn toch de beste strategie, dat werkt.

Waar repeteerden jullie?
Eerst in een leegstaande winkel. Daarna in het voormalige gymnasium aan de Statenlaan. En vervolgens een heel aantal jaren in kerkgebouw De Rank vlak bij het Spijkerkwartier. De inrichting was wat gedateerd, maar je kon er goed zingen, gratis parkeren en er waren voldoende kroegen in de buurt. We moesten er weg toen de kerk een jaar of acht geleden werd verkocht.

Daarna kwamen we in de Waalse kerk: heerlijk zingen in een eeuwenoude kerk met een prachtige akoestiek. Jammer genoeg moesten we vorig jaar ook daar vertrekken. Na wat omzwervingen repeteren we nu in de Lutherse kerk, waar we al vaak concerten hadden gegeven.

Je moet in heel wat concerten hebben meegezongen.
Ik heb thuis een hele la vol met oude programmaboekjes, die ik heb bewaard.

Welke concerten waren voor jou de hoogtepunten?
Membra Jesu Nostri van Buxtehude, dat was wel een van de mooiste. We hebben dat in 2002 uitgevoerd met een blokfluitorkest. Prachtige muziek met van die grote bas- en contrabasfluiten erbij! De Mattheüspassie van Heinrich Schütz vond ik ook heel mooi. Dat was – ik heb het maar even opgezocht in dat laatje – in 1998.

Ook heel bijzonder: Viva Argentina in 2012. Heel andere muziek dan we meestal zingen, veel ritmischer! We werkten met een regisseur aan uitstraling en presentatie. We zijn als koor niet zo van de danspasjes, maar er was dit keer wel beweging op het podium. Goed om zoiets ook eens te doen!

Hoe zou je de sfeer van het koor omschrijven?
In de loop van de jaren is het koor ‘normaler’ geworden. Vroeger was het een beetje geitenwollensokken-achtig. Nu is de samenstelling wat breder, maar de sfeer was altijd goed.

Er is wel ooit eens gemor geweest over een stuk dat de repertoirecommissie had uitgekozen: te moeilijk, te modern. Dat soort dingen heb je natuurlijk wel eens.

We zijn allemaal verschillende mensen, maar we gaan goed met elkaar om. Geen subgroepjes of onderling gedoe. Er is harmonie, en daarom is er ook weinig verloop, eigenlijk alleen als er iemand verhuist of zo.

Wat een ideaal koor! Blijft er nog wat te wensen over?
Ik vind het wel eens jammer dat we nog te veel bezig zijn met ‘noten instuderen’ en te weinig met andere dingen. Stemvorming, presentatie en uitstraling, zingen in kwartetjes of octetjes om zo te leren luisteren naar elkaar, de stemmen goed te mengen … We doen daar wel eens wat aan, maar het zou meer kunnen.

En nu ga je weg…
Het was best een moeilijke beslissing. Ik zal het koor zeker missen, maar ik kom vast nog luisteren!  En misschien doe ik ooit nog wel eens mee met een project.

Je blijft zingen?
Natuurlijk! Ik wil weer zangles nemen. En misschien ga ik weer eens in kleiner verband, in een kwartet of solo, zingen. Ik heb dat een aantal keren gedaan bij uitvaarten of een trouwerij. Heel bijzonder was dat!

Ans, bedankt voor dit interview, en bedankt voor alles wat je betekend hebt voor het koor!
Tot ziens, het ga jullie goed.